1855
De klokken luidden: bam ‒ slag ‒ bam, in een nacht die ieders droom verstoorde. Het ijs dat kruide kroop aan land, het water ijlde. Men vond zijn toevlucht schrijlings op de daken, waar men zich veilig waande, doch water kwam venijnig om te overheersen en schuwde dak noch mens. Met man en macht trad […]